Zonde van al die bloemen

Ik hou van bloemen. Niet van die overdadige bloemstukken die eruitzien alsof ze óf naar een bruiloft óf naar een begrafenis moeten.

Nee, ik bedoel: gewoon bloemen. Stengels met iets kleurigs er bovenop.

Het liefst alle kleuren, maten, vormen door elkaar. In een vaasje, of een fles.
Vaak net te weinig om echt impact te maken. Maar altijd genoeg om mij een fijn gevoel te geven.

Heerlijk, een rondje bloemenwinkel. Mijn plezier. Grote ergernis van mijn dochters. Moet je nu alwéér bloemen kopen? Ben je al klaar? Wat duurt dit lang!

Totdat dit ineens anders werd. Bloemen waren niet meer van mij. Bloemen waren vóór mij. Ik werd namelijk ziek. En dus kreeg ik bloemen. Heel veel bloemen.
Van die mooie grote boeketten. Met warme woorden. Het raakte me. Maar het confronteerde mij ook, ik was echt ziek.

Want daarom sturen we bloemen. Als we even geen woorden hebben. Als we toch iets willen doen. Omdat bloemen ook weer verwelken. Omdat bloemen niet fout kunnen gaan.

Of toch wel?

Op een dag was ik niet thuis. Toen ik thuiskwam, stond mijn buurvrouw voor de deur met drie bossen bloemen die ze namens mij had aangenomen. Ik wist niet wat ik ermee aan moest. Even overwoog ik haar zelf er eentje te geven.

Ik gooide elke week tientallen euro’s aan verwelkte steunbetuigingen in de container.

 

Het is zonde van al die bloemen
Dus leg ik de waarheid voor je neer
Zonde van al die bloemen
Het was toch de allerlaatste keer

Paul Sinha, Bloemen


Wat in mijn geval niemand wist, was dit: Mijn uitje naar de bloemenwinkel was voor mij belangrijk. Bij voorkeur vergezeld met het ongeduldige commentaar van mijn dochters.

En ineens… was het niet meer nodig.

Toen de bloemenstroom ophield, want hé, goed nieuws, ben ik weer zelf naar de bloemenwinkel gegaan. Eenmaal daar merkte ik dat onze relatie veranderd is. Ik wilde eigenlijk geen bloemen meer.

Ze deden mij denken aan een periode in mijn leven waarin bloemen mij niet opvrolijkten, maar confronteerden met iets wat ik niet wilde zijn: ziek.

Ik stel mij zo voor dat het hetzelfde is als wanneer je ontdekt dat je favoriete slager ooit een seriemoordenaar was. Je blijft misschien genieten van je biefstuk, maar toch anders.

En nu? Ik heb nepbloemen gekocht. Een hele vensterbank vol.

Lekker tegenstrijdig voor iemand die zo van echt houdt. Zie de ironie.
Deze nepbloemen kunnen mijn hele echte leven lang mee.

Deel dit bericht:
Facebook
LinkedIn
WhatsApp
Pinterest
Email

Ik ben Ingeborgh.

Het leven sloeg hard toe. Hard, rauw, soms oneerlijk. Maar ik bleef staan. Geen idee hoe, maar echt. Mijn verhalen gaan over leven met alles erop en eraan. Ook als het instort.

Lees verder...