Over mij
Ik ben Ingeborgh Arends (1985), alleenstaande moeder van twee dochters (2011 en 2012). Mijn ouders zijn nog samen, ik heb een oudere broer, en sinds 2013 werk ik als zelfstandig software consultant.
In mijn vrije tijd moedig ik mijn dochters aan bij hun sportwedstrijden. Zelf probeer ik op de tennisbaan iets van niveau te bereiken. Zichtbaar niveau laat nog op zich wachten.
Mijn leven lijkt het meest op mijn interieur: een eclectische mix van oud en nieuw. Niet alles past perfect, maar samen klopt het. Het hoeft niet bij elkaar te passen, als het maar iets voor ons betekent.
Zo leef ik ook: op gevoel, niet volgens regels.
Dat was het makkelijke deel.
Het leven heeft me de afgelopen jaren flink door elkaar geschud. Nee, laten we er bij deze kennismaking maar geen doekjes omwinden, het leven heeft mij keihard genaaid.
Als een balletje in een flipperkast schoot alles alle kanten op.

Jarenlang leefde ik samen met een partner die een ernstige verslaving verborg. Die langzaam alles onderuit trok. Voor mij, onze kinderen, de toekomst. Ook na de breuk bleef zijn onvoorspelbaarheid ons leven beïnvloeden.
In die constante overleefstand negeerde ik mijn eigen klachten, tot het echt niet meer ging.
Begin 2024 kreeg ik de diagnose: uitgezaaide darmkanker, stadium vier.
Ik was net gaan samenwonen met mijn toenmalige vriend. Twee weken later kwam de diagnose. De relatie stopte toen de behandelingen startten. Hij kon het niet dragen. Ik verloor hem aan de zwaarte in zijn hoofd.
Al deze gebeurtenissen hebben me veranderd. Niet van karakter, wel van hoe ik in het leven sta.
Het leven is geen rechte lijn. Je hebt geen controle over wat er op de hoek op je wacht. En dat is oké. Dat is juist het mooie ervan, ook al is dat op sommige dagen moeilijk te zien.
Als alles wegvalt, leer je pas wie je bent.
Juist daardoor hebben mijn dochters en ik iets teruggekregen dat ik niet zou willen ruilen. Niet een beter leven, wel een rijker leven.
In ons geval niet letterlijk rijker. Mijn geld is in rook (lees: poeder) opgegaan. En natuurlijk gun ik ons ook de wind in de zeilen. Dat hebben we nodig, en dat hebben we verdiend.
Maar wat er ook gebeurt: we staan. We weten wat we waard zijn. We weten wie we zijn. Juist als alles wankelt.
Dat vertrouwen, dat is precies waarom ik ben begonnen met Echt. Niet af.
Ik ben altijd gek geweest op verhalen.
Op zinnen die je even stil laten staan. Maar zelf schrijven? Geschreven woorden geven iets definitiefs. Ik vind een dagboek al een hele confrontatie. Ik durfde het niet. Omdat het voelde alsof mijn verhaal, eenmaal op papier, niet meer kon veranderen.
Toch wist ik: ik wil deze verhalen delen.
Want als het gaat over ziekte, verslaving of verlies, dan raak je makkelijk jezelf kwijt. Het gaat ineens over verwachtingen. Over labels. Maar waar blijf jij dan?
Ik hoop dat mijn verhalen jou kunnen helpen om jezelf te blijven, juist wanneer dat niet vanzelfsprekend is. Niet omdat ik je kan vertellen wat jij moet doen, voelen of kiezen. Maar omdat ik deze verhalen heb doorlééfd, en dat jou misschien helpt om door te zetten.
Om ruimte voor jezelf te maken. Omdat je iets herkent, of juist helemaal niet. Omdat het je aan het denken zet. Het gaat niet om wat je meemaakt. Het gaat om wie je blijft, ondanks alles.
Ik heb me nooit een slachtoffer gevoeld. Ik heb alle tegenslagen zo goed mogelijk geïncasseerd. Met veerkracht, doorzettingsvermogen en humor.
Humor houdt me bij mijzelf. Want perfect wordt het nooit. En dat hoeft ook niet.
“I am brave, I am bruised,
I am who I’m meant to be, this is me.
Look out ‘cause here I come
And I’m marching on to the beat I drum.
I’m not scared to be seen.
I make no apologies, this is me”
— Keala Settle, This is me
Echt. Niet af.
Ingeborgh
